Procesgerichte didactiek en pedagogiek
Wat het van de les en van de leerkracht vraagt
Dit artikel gaat over wat er nodig is om een creatief proces mogelijk te maken. Over hoe een les zo wordt ontworpen dat er ruimte ontstaat, en over wat het van een leerkracht vraagt om die ruimte ook echt te geven op het moment dat het ongemakkelijk voelt. Wat een leerling zelf doorloopt, staat in de infographic die onderaan deze pagina te downloaden is.
Een leerkracht komt enthousiast terug van een studiedag over procesgericht werken. Twee weken later staat diezelfde leerkracht weer voor een groep van dertig, met een schooldag die vraagt om uitleg, tempo en een duidelijk antwoord. De goede voornemens verdampen, en dat komt niet door onwil. Het komt doordat de rest van de dag anders is ingericht.
Procesgericht werken bestaat namelijk uit twee lagen die vaak door elkaar worden gehaald.
De didactiek: hoe een les is gebouwd
Deze manier van werken heeft een naam en een lange traditie. Karin Kotte, die scholen erin traint, beschreef in 2017 hoe je een creatief proces in een les opbouwt. Het hart daarvan is het afwisselen van divergeren, veel mogelijkheden bedenken, en convergeren, kiezen en verdiepen.
Procesgerichte didactiek zit in het ontwerp van de les, nog voordat een leerkracht het lokaal binnenloopt. Een opdracht heeft geen vaststaande uitkomst. Er is geen voorbeeldwerk dat een kind kan nadoen en geen vaste route naar één goed antwoord. In plaats daarvan is er een opbouw die ruimte laat voor verschil: verschillende materialen, verschillende tempo’s, en antwoorden die allemaal kunnen kloppen.
Die keuze maak je als school niet zomaar bovenop een bestaande methode, omdat de meeste lesmethodes juist zijn gebouwd rond een duidelijke uitkomst. Bij PIONIER! zit die keuze in de opbouw van elke les, bij elk thema.
Er is een oefening om te zien waar je zelf staat. Zet het antwoord op de vraag wie het eindresultaat bepaalt op een lijn van 1 tot 10. Helemaal links staat de leerkracht: iedereen maakt hetzelfde werkje en de uitkomst staat vast voordat de les begint. Helemaal rechts staat de leerling: een wit blad, ga maar maken. Onze lessen zijn ontworpen om rechts van het midden te landen, rond de zeven. Het kader komt van de leerkracht, het thema, de techniek en de beperkingen. De uitkomst komt van de leerling.
En dan gebeurt er in de praktijk iets opvallends. Een les die op papier rond de zeven staat, schuift in de klas ongemerkt naar links. Vaak goedbedoeld. Je wilt houvast geven en laat even zien hoe het kan, of je stuurt de antwoorden bij tot er één overblijft. Zo sluit je denkroutes af die je juist wilde openen. Dat overkomt iedereen.
Kaders zijn hier je bondgenoot. Ze voorkomen dat leerlingen zwemmen in mogelijkheden en geven vertrouwen om binnen dat speelveld te bewegen. Een goed kader begrenst het speelveld en schrijft de uitkomst niet voor. Twee kleuren, drie materialen, drie variaties, of één woord om vanuit te starten. Hoe scherper het kader, hoe meer ruimte een leerling durft te nemen, omdat de vraag verschuift van wat de bedoeling is naar wat er mogelijk is.
De pedagogiek: hoe een leerkracht ernaast staat
Een goed ontworpen les is niet genoeg wanneer de leerkracht toch bijstuurt zodra een kind vastloopt. Daar gaat procesgerichte pedagogiek over: de houding op het moment zelf.
Kotte beschreef de opbouw van het proces. Wij beschreven wat jij als leerkracht doet terwijl dat proces loopt. Onze grondhouding kreeg in 2015 vorm, gewoon in de klas, en sinds die tijd noemen we dat procesgerichte pedagogiek. De didactiek is gedeeld goed, in de pedagogiek trekt PIONIER! zijn eigen spoor.
In de praktijk betekent het dat je naast een kind gaat staan in plaats van ervoor. Dat je een vraag stelt op het moment dat een antwoord makkelijker zou zijn. Dat je aandacht houdt voor hoe een kind zich voelt terwijl het bezig is, en niet alleen voor wat er aan het eind op tafel ligt.
Dat is oncomfortabel, en dat mag gezegd worden. Een kind dat vastloopt en naar je opkijkt, roept iets op wat elke leerkracht kent: de neiging om te helpen en het even makkelijker te maken. Procesgerichte pedagogiek vraagt om dat moment uit te houden. Helpen is niet verkeerd, en tegelijk leert een kind dat altijd een reddende vraag krijgt nooit om zelf verder te zoeken.
In ons werkboek staat die houding uitgeschreven in de letters van PIONIER! en TROTS. Het zijn ezelsbruggen voor hetzelfde: een coachende, open houding van een leerkracht die de leerling aan het roer durft te zetten. Het is geen trucje, het is een manier van kijken die met je meegroeit.
Waarom dit samen moet komen
Een les die procesgericht is ontworpen en begeleid wordt met de reflex om snel te helpen, levert nog geen leerwinst op. Een leerkracht met de juiste houding kan die houding niet waarmaken bij een opdracht die maar één goed antwoord toelaat. Didactiek en pedagogiek werken alleen samen, en daarom bestaat PIONIER! uit drie onderdelen die elkaar versterken: de inhoud, de didactiek en de pedagogiek.
De lessen creëren de ruimte. De trainingen en het werkboek gaan over de houding die daarbij hoort. Leerkrachten die dat er in hun eentje bij moeten verzinnen, lopen vaak vast op tijd en op onzekerheid over wat ze doen als ze zelf niet weten of iets goed gaat. Dat lost niet op met nog een studiedag. Het lost op met een opbouw waarin de les en de begeleiding ernaast al voor je zijn doordacht.
Infographic
Benieuwd wat een kind concreet doorloopt binnen die ruimte? Download de infographic over het creatieve proces in vier stappen.
